Ondertekening convenant gegevensuitwisseling

Op donderdag 28 mei 2009 ondertekenen de heer H. Schoon, wethouder Jeugd gemeente Bussum, en vertegenwoordigers van 15 organisaties uit de regio Gooi en Vechtstreek een Convenant Gegevensuitwisseling ten behoeve van het Centraal Meldpunt jongeren (CMP). De heer Schoon tekent namens de regiogemeenten. Mevrouw L. Tijhaar, voorzitter van de stuurgroep van het CMP en wethouder jeugdbeleid gemeente Huizen, zal het openingswoord doen.
 
Bij het CMP worden door mensen die beroepsmatig met jongeren werken meldingen gedaan omtrent jongeren waarover zij zich ernstige zorgen maken, maar die zelf geen hulp zoeken voor hun problemen. Het CMP biedt deze jongeren  ‘bemoeizorg’, wat betekent dat zij de jongeren en hun ouders opzoeken in hun eigen leefomgeving en hen ongevraagd hulp aanbieden bij het oplossen van hun problemen. Om deze jongeren en hun ouders van de juiste hulp te voorzien werkt het CMP samen met verschillende organisaties in de regio die allen met jongeren te maken krijgen. Zo is er samenwerking met onder anderen de Politie Gooi en Vechtstreek, Bureau Jeugdzorg Noord-Holland, het Regionaal Bureau Leerlingzaken, Versa Welzijn, HALT, JellinekMentrum, MEE, het Regionaal Centrum voor Kinder- en Jeugdpsychiatrie (RCKJP), het Openbaar Ministerie, de Raad voor de Kinderbescherming, GGD Gooi & Vechtstreek, de scholen voor voortgezet onderwijs en jeugdzorgaanbieders Maatschappij Zandbergen en Orthopedagogisch Centrum ’t Gooi.
Bij deze samenwerking worden noodzakelijkerwijs soms privacygevoelige gegevens omtrent cliënten uitgewisseld. Deze uitwisseling vindt plaats om tot een goede inschatting van de aard en omvang van de problemen en om tot een passend hulpaanbod voor de jongere en zijn ouders te komen.
Het CMP heeft een Convenant Gegevensuitwisseling voor de convenantpartners van het CMP opgesteld, om  de grenzen en de ruimte die de wet biedt voor het uitwisselen van gegevens tussen de convenantpartners omtrent zorgmijdende jongeren vast te leggen. Uitgangspunt is dat de wettelijke bepalingen hieromtrent én het eigen privacyreglement van de organisatie in acht genomen worden, maar dat men de intentie uitspreekt om in het belang van de jongere, daar waar mogelijk gegevens met elkaar uit te uitwisselen.