Visie
Bestuurders, bedrijven, organisaties en burgers hebben belang bij een goed onderling afgestemd ruimtelijk beleid. Negatieve grensoverschrijdende effecten worden daarmee voorkomen en daarmee ook eventuele maatschappelijke weerstanden. De uitvoering van plannen is ermee gebaat.
Alle gemeenten ontwikkelen Structuurvisies tot 2030 (wettelijke verplichting nieuwe Wro) en kunnen elkaar steunen door informatie en expertise hierover uit te wisselen. Het bundelen van de gemeentelijke visies tot één kaartbeeld – de (vernieuwde) Regiokaart Gooi & Vechtstreek – zal een goed middel zijn om gemeentelijk beleid en de uitvoering ervan onderling te optimaliseren en naar derden toe te presenteren. Opgaven voor de binnenstedelijke herstructurering en de spoorzone zullen daarbinnen een ambitieus onderdeel vormen. Het onderling afstemmen van ruimtelijke regelgeving (op basis van nieuwe Wro en Grondexploitatiewet) is vereist om planverevening via een fondsconstructie voor bedrijventerreinen mogelijk te maken.
De provinciale structuurvisies voor Noord-Holland, Utrecht en Flevoland zullen uitgewerkt worden via uitvoeringsprogramma’s die lokaal en regionaal effecten kunnen oproepen.
Ook het Rijk zal voor de regio Amsterdam – Almere (‘RRAAM’) een structuurvisie opstellen die voor Muiden en Weesp direct en voor de overige gemeenten indirect betekenis kan hebben.
De ontwikkeling van Almere is van belang voor onze regio; nu al heeft dit grote effecten op en biedt dit mogelijkheden voor onze regio. Een goede onderlinge afstemming met Almere en Flevoland is dan ook een ‘must’.
Wat willen we bereiken?
De ruimtelijke opgaven vergen enerzijds een (vooral ambtelijk) doelmatige beleidsontwikkeling en anderzijds een (vooral bestuurlijk) sterke afstemming en lobby. Gemeenten zijn hiervoor afzonderlijk te klein en kunnen door samenwerking kosten besparen en invloed winnen.
De informatie-uitwisseling zal plaatsvinden via Internet en periodiek ambtelijk en bestuurlijk overleg. Een managementoverleg tussen gewest en enkele gemeenten (‘kopgroep’) dient ter ondersteuning hiervan.
De concrete wijze van samenwerking zal in het portefeuillehoudersoverleg worden afgesproken.
Wat doen we daarvoor?
1. Onderlinge uitwisseling van informatie en expertise bij:
a. Opstellen van gemeentelijke structuurvisies en een jaarlijkse Regio Agenda
b. Beleidsontwikkelingen van andere overheden en belangenorganisaties in de regio (corporaties, bedrijfsleven, milieuorganisatie e.d.).
2. Behartiging van gemeenschappelijke ruimtelijke belangen met betrekking tot.:
a. Tracé keuze 380 kV (rijks planprocedure);
b. Plannen Almere (w.o. de ‘Schaalsprong’), Flevoland en de Rijks Structuurvisie RRAAM;
c. Uitvoeringsprogramma’s van provincie Noord-Holland, Metropool Regio Amsterdam en NV Utrecht;
d. Binnenstedelijke herstructurering en aanpak spoorzone.
3. Gemeenschappelijk uitvoeren van taken in de ruimtelijke ordening:
a. deelname aan werkmaatschappij Almere-oost;
b. bovenlokale planverevening t.b.v. Transformatiefonds bedrijventerreinen (verankering in structuurvisies).